Uw zaken van alle kanten bekeken.
Fiscaal, juridisch én bedrijfseconomisch.
Actueel

Datum: 23-03-2016

Vermogensrendementsheffing maakt inbreuk op het eigendomsrecht

Het Gerechtshof Den Haag oordeelde eerder dat de vermogensrendementsheffing – beter bekend als de box 3-heffing – geen inbreuk maakt op het eigendomsrecht. Uit het advies van A-G Niessen aan de Hoge Raad blijkt dat hij van mening is dat er wél inbreuk wordt gemaakt op het eigendomsrecht. Maar let wel, het gaat in deze procedure alleen over de belastingheffing over spaartegoeden!

Uit jurisprudentie volgt volgens de A-G dat een samenstel van relevante omstandigheden kan leiden tot schending van het eigendomsrecht. De A-G onderbouwt zijn standpunt met het argument dat de vermogensrendementsheffing willekeurig kan uitwerken. Dit omdat de rendementen van belastingplichtigen onderling sterk kunnen afwijken. Daarbij speelt ongelijkheid ook een rol, aangezien mensen met een verschillend rendement voor hetzelfde bedrag worden belast. Ook geeft de A-G aan dat uit de politieke en economische ontwikkelingen van de afgelopen jaren blijkt dat niet met zekerheid is te zeggen dat 4% rendement op de spaartegoeden over een langere periode haalbaar is.

De A-G vindt dat een directe ingreep van de rechter niet (direct) voor de hand ligt, gezien het feit dat daarbij rechtspolitieke keuzes moeten worden gemaakt die niet aan de rechter zijn. Wel zou de Hoge Raad zo mogelijk in deze rechtszaak kunnen aankondigen in de toekomst in te grijpen. In individuele gevallen zou er volgens de A-G wél rechtsherstel moeten worden geboden, indien de heffing hoger is dan de netto-inkomsten en waardevermeerdering van het vermogen. Vooralsnog blijft het afwachten op het eindoordeel van de Hoge Raad.

< Terug naar overzicht